Provinciale Statenverkiezingen 2019. Wat vinden de partijen over het onderwijs?

De Provinciale Statenverkiezingen 2019 komen er aan en op woensdag 20 maart is het weer tijd om te gaan stemmen.
Maar op wie moet je nu stemmen ? Welke partij of persoon ?
Om een beetje een inzicht te krijgen in de standpunten van de bekende partijen omtrent het basisonderwijs hebben we ze opgezocht.
Natuurlijk zijn er bij de Provinciale Statenverkiezingen 2019 ook veel lokale partijen actief, en is het goed om ook die standpunten door te nemen voordat je een keuze maakt.

De grote landelijke partijen :

CDA.

Het CDA wil graag de pluriformiteit in het aanbod van basisscholen behouden en willen voor alle kinderen thuisnabij onderwijs beschikbaar houden. Het CDA maakt zich sterk voor een sterke ouderbetrokkenheid en de inzet van vrijwilligers, zodat leraren zich kunnen richten op het verzorgen van lessen.

Salaris en werkdruk
Het kabinet investeert fors in de aantrekkelijkheid van het onderwijs. Voor hogere salarissen trekt het kabinet jaarlijks 270 miljoen euro uit. Om de werkdruk in het onderwijs aan te pakken komt er jaarlijks 450 miljoen euro bij. Hiervan kunnen klassen worden verkleind of conciërges en ander ondersteunend personeel worden aangesteld. In de lerarenopleiding komen specialisaties die zich specifiek richten op het lesgeven aan jongere en oudere kinderen, én op het vakgericht lesgeven in het beroepsonderwijs.

Vrijwilligers in het onderwijs
Het CDA vindt vrijwilligers van onschatbare waarde, ook in het onderwijs. Om hen te helpen krijgen vrijwilligers die werken met mensen in een afhankelijkheidssituatie voortaan een gratis Verklaring Omtrent Gedrag (VOG) als zij die aanvragen. Ook verhoogt het kabinet de maximaal onbelaste vrijwilligersvergoeding.

Passend onderwijs
Ieder kind heeft recht op onderwijs om zich maximaal te ontplooien, ook als daarvoor extra zorg of ondersteuning nodig is vanwege een beperking, hoogbegaafdheid of wat dan ook. Het kabinet wil het aantal thuiszitters fors beperken door verzuim vroeger te signaleren en aan te pakken, en samenwerkingsverbanden van scholen een wettelijke verplichte doorzettingsmacht te bieden.

Voor meer informatie CDA

Christen-Unie.

Het onderwijs dat je geeft, is bepalend voor het land dat je bouwt. Onderwijs biedt kansen en perspectief. Nederland heeft dankzij de onderwijsvrijheid een wereldwijd uniek en sterk onderwijssysteem, met een grote diversiteit aan scholen. Ouders kunnen kiezen voor het onderwijs dat aansluit bij de opvoeding en levensovertuiging. De ChristenUnie staat pal voor de vrijheid van onderwijs.

De ChristenUnie wil investeren in de toekomst van onze kinderen en kleinkinderen.

  • Scholen in krimpregio’s. De ChristenUnie wil investeren in de kwaliteit van onderwijs in krimpregio’s. Van scholen wordt verwacht dat zij samen zoeken naar toekomstbestendige oplossingen, maar de vrijheid voor eigen keuzes blijft overeind.
  • Achterstanden bestrijden voor gelijke kansen. De ChristenUnie wil investeren in onderwijs aan leerlingen uit kansarme milieus en vluchtelingenkinderen. Het is belangrijk dat kinderen de Nederlandse taal leren, maar ook leren over onze cultuur, waarden, rechtstaat en democratie.
  • Uitval voorkomen. Een goede begeleiding van de overgang naar een volgende school, omdat het risicomomenten zijn voor schooluitval en leerproblemen.
  • Geen kleutertoets in het basisonderwijs en geen schoolplicht tot 4 jaar. Scholen worden niet verplicht tot Integrale Kindcentra.
  • Terugkeer van de maatschappelijke stage, zodat leerlingen kennis kunnen maken met vrijwilligerswerk en het beroepenveld. De maatschappelijke stage bevordert goed burgerschap en maatschappelijke verantwoordelijkheid.
  • Ruimte en ontwikkeling. Leraren en schoolleiders hebben de sleutelrol in het opleiden van leerlingen en studenten. Goed leiderschap met oog voor identiteit, weerbaarheid en diversiteit van het onderwijsteam is cruciaal. Wij investeren in ruimte en ontwikkeling voor leraren en schoolleiders. Onderwijsteams worden sterker door bijscholing, coaching en begeleiding, in het bijzonder voor startende leerkrachten.
  • Meer meesters en leerkrachten uit minderheidsgroepen in het basisonderwijs. De pabo wordt beter ingericht voor vrouwen én mannen, door een grotere diversiteit en vrijheid in lesmethodes en onderwijspedagogiek.
  • Zijinstroom wordt bevorderd, om meer mensen met praktijkervaring voor de klas te krijgen.
  • Extra geld voor kleine scholen

Voor meer informatie Christen-Unie

D66.

Goed onderwijs en kansen voor kinderen begint bij de basis. Door de komst van passend onderwijs is er sprake van grotere verschillen tussen leerlingen in de klas. Dat vraagt om maatwerk. Dat kunnen we alleen bieden als er voldoende handen in de klas zijn.

Besteed onderwijsgeld aan onderwijs

Geld voor onderwijs moet allereerst terecht komen waar het hoort: in de klas. Kosten voor management en huisvesting moeten worden beheerst en in sommige gevallen fors worden teruggebracht. Als een opleiding niet voldoet aan een goede balans tussen onderwijs en overhead, dient de school dit te verantwoorden.

Minder bureaucratie op school

Een betere kwaliteit en positie van leraren vraagt om een professionelere school met meer tijd en ruimte voor onderwijs. D66 wil dat gediplomeerde docenten zo veel mogelijk uren besteden aan onderwijzen, in plaats van aan door “Den Haag” opgelegde overbodige vergaderingen, voorschriften en rapportages. D66 wil af van rigide urennormen. Meer lesuren betekent namelijk niet automatisch dat de kwaliteit van het onderwijs ook hoger wordt. De kwaliteit van het onderwijs is wél gebaat bij professionele leraren die maatwerk bieden voor individuele leerlingen. De leraren moeten hiervoor ruimte en vertrouwen krijgen. Daarom dient de overheid terughoudend te zijn in het opleggen van nieuwe regels die rapportageverplichtingen met zich meebrengen. Bestaande verplichtingen moeten worden heroverwogen. Zodra de kwaliteit achterblijft en een school zwak presteert, grijpt de overheid in en stelt ze eisen aan bijvoorbeeld de onderwijstijd.

Toezicht

Een onderwijsinspecteur is voor D66 ook een onderwijsprofessional. D66 wil een inspectie die op de school toezicht houdt en oordeelt zonder te verzanden in micro-rapportages en het beoordelen per spreadsheet. De inspectie moet toezicht houden op de basiskwaliteit. Die moet solide zijn. Om een bewuste schoolkeuze mogelijk te maken moet de onderwijsinspectie de prestaties van scholen inzichtelijk, vergelijkbaar en vrij herbruikbaar online publiceren.

D66 wil in het basis-, voortgezet en beroepsonderwijs de kwaliteitsnormen vastleggen en verhogen. Zeer zwakke basisscholen zijn onacceptabel. Deze moeten binnen één jaar sterk verbeterd zijn. Om sluiting te voorkomen wil D66 dat een zwakke school onder curatele wordt gesteld. Ook voor andere opleidingen, zoals in het voortgezet onderwijs, het MBO, HBO en WO, wil D66 vergelijkbare eisen. Als zo’n opleiding na een jaar niet is verbeterd, mag ze geen nieuwe studenten aannemen.

Geen Haagse toetsen en normen

D66 ziet toetsen als middel, niet als doel. Dat laatste leidt namelijk tot perverse prikkels zoals het niet aannemen van leerlingen die om misschien hele goede redenen lager scoren dan het gemiddelde. Het leidt er ook toe dat leerlingen bedreven raken in het maken van toetsen, in de plaats van dat ze bijvoorbeeld beter leren rekenen. D66 heeft scherpe kritiek op de bestaande rekentoets. De toets staat vol met verhalende rekensommen, waardoor het meer een taaltoets dan een rekentoets is. Om leerlingen beter te leren rekenen, moet vooral geïnvesteerd worden in rekenonderwijs in het primair onderwijs en in de onderbouw van het voortgezet onderwijs. Hierbij horen ook investeringen in het rekenonderwijs op de lerarenopleidingen.

Beloon onderwijskwaliteit en lagere schooluitval

Schooluitval laat kostbaar talent onbenut, schaadt de persoonlijke ontwikkeling en is slecht voor de kenniseconomie. Door onder andere ouders meer te betrekken en te zorgen voor goed onderwijs in goede schoolgebouwen dringen we schooluitval terug. D66 wil instellingen belonen die zich onderscheiden door een hogere onderwijskwaliteit en minder uitval.

Versimpel de relatie tussen scholen en de overheid

De onderwijswereld is te ingewikkeld georganiseerd. Met een ministerie, veel semi-overheidsinstituten, verenigingen en koepelorganisaties. Volgens D66 kan dit simpeler. Een dergelijke versimpeling leidt tot meer vrijheid, minder regeldruk en minder rapportages voor scholen en instellingen. Een directere relatie tussen onderwijs en gemeente, regio en Rijk leidt ook tot meer flexibiliteit en een snellere afstemming over (lokale) behoeften. D66 wil heldere afspraken over kwaliteit tussen overheid en onderwijsinstellingen waar vervolgens de inspectie op toeziet. Hierdoor kunnen het aantal semi-overheidsinstituten en de bijkomende kosten worden teruggebracht.

Maak fusies aantrekkelijk

Scholen moeten niet te groot, maar ook niet te klein zijn. Basisscholen met te weinig leerlingen hebben vaker een lagere onderwijskwaliteit, terwijl ze per leerling drie keer duurder zijn dan een gemiddelde school. Voor kleine scholen is het nu nog financieel ongunstig om te fuseren. D66 vindt dat dit aantrekkelijker moet worden. Ook moet samenwerking tussen kleine scholen in krimpregio’s worden aangemoedigd. Ook moet het mogelijk zijn dat openbare en bijzondere scholen fuseren.

Passend onderwijs

D66 is een voorstander van passend onderwijs waarbij elk kind een passende plek binnen het onderwijs krijgt. De uitvoering scoort op dit moment echter nog onvoldoende. Doordat er grotere verschillen zijn tussen leerlingen, maar het aantal leerlingen in de klas hetzelfde is gebleven of zelfs is toegenomen, krijgen niet alle leerlingen de aandacht die ze nodig hebben. Leraren hebben te maken met extra werkdruk. Ook weten ouders vaak niet waar ze aan toe zijn en worden ze van het kastje naar de muur gestuurd. Om passend onderwijs tot een succes te maken is voldoende begeleiding in de klas nodig. Ook moeten klassen kleiner worden gemaakt. D66 heeft eerdere bezuinigingen op passend onderwijs teruggedraaid. Daarbij blijven we pleiten voor meer handen in de klas. Ook wil D66 dat er een oplossing komt voor de thuiszitters. Wat D66 betreft komt er een leerrecht in plaats van een leerplicht: elk kind heeft recht op onderwijs.

Voor meer informatie D66

Groenlinks

GroenLinks wil kansrijk onderwijs met scholen waarin kinderen opgroeien tot zelfbewuste en nieuwsgierige volwassenen die vol zelfvertrouwen hun weg vinden in de moderne samenleving. Dat begint al op de basisschool. Juffen en meesters krijgen meer tijd om goed onderwijs te geven, dankzij meer kleinere klassen, minder bureaucratie en klassenassistenten voor complexe klassen. GroenLinks wil meer ‘brede scholen’: basisscholen die ook voor- en naschoolse activiteiten organiseren.

Meer individuele begeleiding

Leraren moeten meer tijd krijgen voor lesgeven en individuele begeleiding. De werkdruk moet daarvoor omlaag. GroenLinks wil daarom dat basisscholen klassen kunnen verkleinen en dat klassenassistenten kunnen worden aangenomen Leraren in het basisonderwijs verdienen gemiddeld flink minder dan collega’s in het voortgezet onderwijs. GroenLinks vindt dat vreemd omdat het basisonderwijs net zo belangrijk is. Daarom wil GroenLinks dat leraren makkelijker kunnen doorgroeien naar hogere salarisschalen, zodat topleraren voor de klas blijven staan. Dit kunnen bijvoorbeeld leraren zijn met bepaalde specialismes, veel ervaring hebben of zich bezighouden met onderwijsvernieuwing.

Brede scholen

GroenLinks wil dat de basisschool en de buitenschoolse opvang worden bij voorkeur georganiseerd in een brede school. Op deze brede scholen krijgen kinderen niet alleen les, maar is ook ruimte voor spelen, sport, natuur en cultuur. We stimuleren de samenwerking van de kinderopvang, peuterspeelzaal, voorschoolse educatie en de brede school op één plek in kindcentra. Dit wordt zowel financieel als in regelgeving gestimuleerd. Ouders hoeven kinderen niet steeds van de ene naar de andere plek te brengen. Keuzevrijheid voor ouders in het schooltype blijft gewaarborgd.

Voor meer informatie GroenLinks

Miljoenen artikelen

PVDA

Beter onderwijs loont. Niet alleen omdat het aan de basis ligt van ontwikkeling, burgerschap en emancipatie, maar ook omdat een diploma je later de grootste kans biedt op een goede baan.

Onderwijs is de sleutel tot het welzijn van de samenleving

De Partij van de Arbeid vindt het van groot belang dat iedereen het allerbeste onderwijs krijgt en zo ook het allerbeste uit zichzelf kan halen. Daarvoor hebben we goede scholen, bekwame leraren en betrokken ouders nodig, zodat we met alle betrokkenen ons onderwijs naar een nog hoger niveau kunnen brengen.

Onderwijs is niet alleen de sleutel tot persoonlijke ontwikkeling maar ook tot voorspoed en welzijn van de samenleving als geheel. Om bij de beste economieën van de wereld te blijven, willen wij dat ons land uiterlijk over tien jaar de best opgeleide beroepsbevolking ter wereld heeft. Dit vraagt hoge eisen aan de kwaliteit van ons onderwijs, in het bijzonder het beroepsonderwijs. De Partij van de Arbeid wil daarom miljarden extra investeren in onderwijs. Tegelijkertijd zet de pvda zich in voor meer invloed van ouders, leerlingen, studenten en docenten op onderwijsinstellingen, en voor het streven naar toegankelijkheid en gelijke kansen. In de afgelopen kabinetsperiode is al veel extra geld beschikbaar gekomen voor onderwijs en dat wil de pvda graag voortzetten.

Onderwijs is cruciaal in de vorming van kinderen en jongeren. Zij moeten alle kansen krijgen om zich kennis en vaardigheden eigen te maken, en hun persoonlijkheid, hun wereldbeeld en hun interesses te vormen. Een gunstige, inspirerende start werkt een leven lang door. Ouders en verzorgers hebben hierin een grote verantwoordelijkheid, en daarnaast is het onderwijs van onschatbare waarde.

Flexibel onderwijs

Het ene kind ontwikkelt zich sneller dan het andere, doordat talenten uiteenlopen maar ook doordat de sociaaleconomische achtergrond per kind verschilt. In het gehele onderwijs moeten we dan ook de hindernissen wegnemen voor kinderen die met een achterstand beginnen, en recht doen aan ‘laatbloeiers’ die in een ander tempo leren dan gemiddeld. Behalve kennisoverdracht en cognitieve ontwikkeling moeten ook persoonlijke, sociaal-emotionele ontplooiing en burgerschap deel uitmaken van het onderwijs. Dit vereist uitstekend onderwijs voor iedereen, juist ook voor kinderen die van huis uit minder meekrijgen, en juist ook in de meest kwetsbare wijken. Zo draagt het onderwijs bij aan de vorming van zelfstandige en autonome burgers die volwaardig aan de samenleving kunnen deelnemen.

Investeren in leraren

De Partij van de Arbeid wil investeren in het vak van leraar en docent om het beste onderwijs mogelijk te maken. De Partij van de Arbeid wil dat leerkrachten meer ruimte en tijd geven om les te geven vanuit hun professionaliteit en passie, en ook meer waardering en een betere beloning. Goed onderwijs vergt ook functionele en aantrekkelijke onderwijsgebouwen, waar leerlingen zich thuis voelen en gestimuleerd worden.

Vakkennis blijft de kern van het beroepsonderwijs, terwijl in de huidige, dynamische arbeidsmarkt daarnaast ook steeds meer algemene vaardigheden zijn vereist. Die moeten in de opleidingen dan ook meer aandacht krijgen. Het hoger onderwijs leidt op voor de arbeidsmarkt, maar vormt studenten ook tot breed geïnteresseerde en betrokken burgers. Talent en motivatie moet leidend zijn bij de vraag of een student toegelaten wordt tot het hoger onderwijs, niet het inkomen of opleidingsniveau van de ouders. Selectie is alleen in bijzondere gevallen (conservatorium bijvoorbeeld) acceptabel. Er komt een recht op een toets van de persoonlijke omstandigheden bij de aanmeldprocedure.

Voor meer informatie PVDA.

Partij voor de Dieren

Goed en toegankelijk onderwijs vormt het fundament van een vrije, democratische samenleving. Een samenleving bloeit alleen als iedereen, ongeacht zijn of haar afkomst, de kans krijgt zich te ontwikkelen en de opleiding te volgen die past bij zijn of haar vermogens. Toegankelijkheid van het onderwijs is een kernwaarde die te allen tijde onze verdediging verdient – en sinds de afschaffing van de basisbeurs zelfs weer moet worden bevochten.

  • 100% biologische schoolkantines
  • Bezuinigingen passend onderwijs
  • Cultuur- en muziekeducatie vaste plek in onderwijs
  • Duurzaam en gezond onderwijs
  • Duurzaam onderwijs op basis- en middelbare school
  • Een verplichte maatschappelijke stage
  • Extra investeren in natuur- en milieueducatie
  • Goede kaders voor thuisonderwijs
  • Leerling centraal in onderwijs
  • Onafhankelijke wetenschap
  • Studeren betaalbaar en toegankelijk maken
  • Voorlichting over LHBTI

Dit zijn allemaal standpunten van de Partij voor de Dieren die verder uitgelegd worden op de website.

Dus voor meer informatie Partij voor de Dieren.

PVV

Het vrijheidsideaal van Partij voor de Vrijheid is leidend voor de manier waarop wij willen dat het onderwijs in Nederland wordt verbeterd.

Dat ideaal is voor de pvv plannen richtinggevend op de volgende wijzen:

  • ieder kind heeft er recht op om tot een vrije volwassene uit te groeien. Die vrijheid kan alleen tot wasdom komen, als het kind zo goed mogelijk wordt toegerust om de wereld om hem heen te begrijpen en zo goed mogelijk keuzes te maken om zijn weg in het leven te bepalen. Daarmee is gegeven dat het doel van het onderwijs is om het kind tot een daadwerkelijk vrije volwassenheid te laten ontplooien.
  • de opzet en inrichting van het onderwijs mag uitsluitend aan dat ideaal van ontwikkeling tot vrijheid ten dienste staan. Het onderwijs mag niet in dienst staan van ambtenarij en regelzucht, van het onderwijzend personeel, van de ouders, van het bedrijfsleven en zeker niet van stromingen die de mens tot geestelijke onderwerping willen brengen. Het onderwijs dient alleen tot de vrije ontwikkeling en ontplooing van het kind.
  • alles wat in het huidige onderwijs in de weg staat aan de optimale ontplooing van het kind tot een mens dat in vrijheid zijn keuzes kan maken, dient te worden opgeruimd. De aanpak daarbij moet doortastend zijn.

Het kennisniveau van leerlingen en van nieuwe docenten is bedroevend laag.
De leraren worden in hun werk beknot en belemmerd door bijna onbegrensde Haagse bemoeizucht maar ook door het gebrek aan elan waarmee Den Haag het onderwijs tegemoet treedt. Erkenning van en respect voor de mensen die in het onderwijs werken, is hollend achteruit gegaan. De status en de aantrekkelijkheid van het beroep van leraar is door de overheid ondergraven op een weergaloze manier.
Goede onderwijsvormen gericht op de verscheidenheid van onze jeugd, zijn vervangen door een eenheidsworst die slechts weinigen goed smaakt. Er zijn veel vroegtijdige schoolverlaters en de overheid begrijpt maar niet hoe dat nou toch zo gekomen is.
De leerlingen worden niet goed voorbereid op wat de arbeidsmarkt van hen verlangt.
Begrippen als discipline, doelgerichtheid, vasthoudendheid, voorkomendheid en doorzettingsvermogen – die voor succes in het leven essentieel zijn – worden door het onderwijs (maar ook door sommige ouders) nauwelijks aan de kinderen bijgebracht.
Een deel van de jeugd van allochtone herkomst raakt gevangen in onderwijs dat is besmet met het onontwikkelde wereldbeeld van uit de woestijn geplukte imams en de ideologie van madrassageleerden.

Voor meer informatie PVV.

SGP.

Basis- en voortgezet onderwijs

Leerlingen die extra zorg nodig hebben, krijgen dat zoveel mogelijk binnen de context van het reguliere onderwijs. Voor gevallen waarbij het voor de betreffende leerlingen beter is om niet binnen het reguliere onderwijs mee te draaien, moeten voldoende plaatsen in het speciaal onderwijs beschikbaar zijn. Indicatiestelling en zorgverlening voor zorg en onderwijs dienen zo spoedig mogelijk geïntegreerd te worden.

Het basis- en voortgezet onderwijs is van fundamentele betekenis voor de vorming en ontwikkeling van kinderen. In het onderwijs moet zoveel mogelijk worden aangesloten bij de capaciteiten en aanleg van de kinderen. Tegelijk blijft onderwijs in groepsverband van grote (sociale) betekenis. In het onderwijs moet veel aandacht worden besteed aan basisvaardigheden als taal en rekenen. Ook dient er een royaal ruimte te zijn voor vormende vakken, zoals godsdienst, geschiedenis en media-educatie. Waarden en normen verdienen in het gehele onderwijs veel aandacht en fatsoensnormen moet strikt gehandhaafd worden.

Het is belangrijk dat de keuze voor vmbo, havo en vwo in de brugklas niet te snel wordt gemaakt. Het betekent echter niet dat deze keuze in alle gevallen pas na twee jaar gemaakt moet worden.

De overheid moet voor allerlei interessante en belangrijke thema’s, zoals het omgaan met de natuur of programmeren, niet meteen nieuwe vakken verplichten. Het is aan scholen om te kijken of en hoe dit in het onderwijsaanbod gestalte kan krijgen.

Voor meer informatie SGP.

SP.

Kinderen hebben recht op goed onderwijs. Leren is wat de SP betreft meer dan rekenen en taal. We willen onze kinderen goed voorbereiden op de samenleving. Dat betekent voldoende aandacht voor rekenen en taal, maar ook voor muziek, kunst en cultuur en het leren omgaan met verschillen.

Veel leerkrachten in het basisonderwijs hebben te maken met een hoge werkdruk en grote klassen. Door investeringen kan de werkdruk verlaagd worden. Daarnaast wil de SP werk maken van kleine klassen. Op die manier krijgen alle leerlingen voldoende aandacht.

Standpunten van de sp :

  • Basisonderwijs en voortgezet onderwijs: Meer vertrouwen in docenten
  • Voor integratie: niet apart, maar samen
  • Maak van de kinderopvang een publieke voorziening
  • Kleine klassen
  • Bestrijd laaggeletterdheid, investeer in bibliotheken
  • Gelijke kansen: onderwijs als emancipatiemotor
  • Geld voor leraren en niet voor prestigeprojecten
  • Het niveau van de lerarenopleidingen gaat omhoog
  • Het zogenaamde ‘passend onderwijs’: Speciaal onderwijs moet toegankelijk blijven
  • Meer bewegen houdt mensen langer gezond
  • Werkdruk docenten moet worden aangepakt

Voor meer informatie SP.

Miljoenen artikelen

VVD.

Basisscholen en voortgezet onderwijs

De belangrijkste taak van basisscholen en middelbare scholen is om ieder kind een basisniveau te geven. Daarbij is er voortdurende aandacht voor taal en rekenen. Wie niet kan lezen, schrijven en rekenen, heeft namelijk niet de vrijheid om zijn eigen keuzes maken. Het rekenonderwijs, dat wordt afgesloten met het rekenexamen, leert kinderen om rekenen in het dagelijks leven te gebruiken. En als het taalonderwijs vanaf dag 1 goed is, kunnen we laaggeletterdheid bestrijden. De basis van het lesprogramma moet dus op orde zijn, maar daarbuiten krijgen scholen meer vrijheid om zelf te kiezen welke vakken zij aanbieden.

De basisschool en de middelbare school zijn de ideale plaats voor kinderen om hun talenten te ontdekken en te ontwikkelen. Wij staan erop dat ieder kind naar de juiste schoolsoort (vmbo, havo, vwo) kan gaan. Regio’s waar dat door bevolkingskrimp moeilijk is, krijgen daarom meer ruimte om samen te werken. Als de eindtoets en de docent een verschillend schooladvies geven, is het hoogste advies leidend. Zo krijgt ieder kind de kans het beste uit zichzelf te halen.

Veel kinderen gaan nu al naar de basisschool als ze 4 jaar zijn. Kinderen die dat niet doen, kunnen een achterstand oplopen. Daarom willen wij de leerplicht verlagen naar de leeftijd van 4 jaar.

Voor meer informatie VVD.

50 Plus.

In het primair onderwijs wil 50PLUS de klassen verkleinen en het aantal lesuren per leerkracht verlagen. De positie, de beloning en het gezag van onderwijzers en leraren moet worden versterkt. Scholen moeten kunnen beschikken over voldoende ondersteunend personeel dat indirecte taken zoals schoonmaakklussen en administratie kan overnemen van docenten. Op die manier kunnen leerkrachten meer aandacht besteden aan de leerling. 50PLUS is geen voorstander van het ‘passend onderwijs’.

Zowel in het basis- als in het voortgezet onderwijs voor alle leerlingen minimaal vijf uren per week sport, zwemmen en gymnastiek.

Voor meer informatie 50PLus.

 

 

Denk

Het onderwijs stelt individuen in staat om hun talenten te ontplooien, waardoor het onderwijs van nu de toekomst van morgen is. Voor DENK is het van belang dat die toekomst voor iedereen dezelfde mogelijkheden biedt, ongeacht de afkomst, de grootte van de portemonnee of de opleiding van de ouders.
DENK wil daarom maatregelen nemen om iedereen in het onderwijs gelijke kansen te bieden.
Kinderen die zicht hebben op een hoger schooladvies, moeten de kans krijgen om zich ook op een hoger niveau te bewijzen. Jongeren die geen stageplek kunnen vinden, krijgen een stagegarantie.
En het leenstelsel verdwijnt, omdat het van studeren een privilege maakt.

Voor meer informatie DENK (Let op. Is een pdf.).

Forum voor Democratie.

Forum voor Democratie wil een aantal oplossingen om het onderwijs te verbeteren:

FvD wil:

  • Meer aanzien voor het vak door betere salariëring, minder papierwerk en meer autonomie.
  • Behoud bijzonder onderwijs (art. 23), maar zeer strenge waarborgen op kwaliteit.
  • Basisonderwijs naar Fins model – het meest succesvolle basisonderwijs ter wereld, waar onderwijs op maat wordt geboden aan élk kind, en waar volop tijd en ruimte bestaat voor creatieve vakken én voor persoonlijke ontwikkeling.
  • Versoepeling Wet Passend Onderwijs: niet alle kinderen zijn gebaat bij een oplossing in een reguliere basisschool. Aan leerkrachten worden daardoor soms onmogelijke eisen gesteld, terwijl het bovendien ten koste gaat van de kwaliteit in de klas.
  • Makkelijker maken om afscheid te nemen van niet-presterende leerkrachten; ook om ervoor te zorgen dat scholen weer vaste contracten aan docenten durven aan te bieden.
  • Prioriteit voor onderwijzend personeel bij toewijzing sociale woningen in de grote steden.
  • Meer aandacht voor praktijkles en ambacht in het MBO.
  • Colleges van universiteiten komen zoveel mogelijk online beschikbaar voor iedereen zodat geïnteresseerden ook online hun kennisniveau kunnen opschroeven.
  • Herinvoeren basisbeurs voor studenten.
  • Geen output- maar input-financiering, gecombineerd met strenge selectie aan de poort.
  • Landelijke, centrale toetsing aan het eind van elke HBO-opleiding.
  • Grondige sanering Ministerie van Onderwijs.
  • Terugdringen macht van politieke partijen in de (lokale) aansturing van het onderwijs.
  • De grotere uitgaven in het onderwijs willen we onder meer financieren door beter en effectiever om te gaan met de besteding van het ontwikkelingshulp budget.

Voor meer informatie Forum voor Democratie.

Conclusie :

Elke partij heeft een heleboel standpunten over het onderwijs en zeker over het basisonderwijs.
Veel standpunten komen overeen. Klassenverkleining, salarisverbetering en ga zo maar door.
Ook zijn er even zoveel standpunten die van elkaar afwijken.
Het is lastig om alle informatie tot je te nemen om een keuze te maken.
Hopelijk is deze informatie die we hebben gezocht daarbij behulpzaam geweest.

Miljoenen artikelen

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.

%d bloggers liken dit: