8 tips om te differentiëren in de klas.

Sinds de jaren tachtig zijn we hier al mee bezig in de klas, zijn er boeken verschenen en zijn verschillende modetermen de revue gepasseerd: differentiatie, differentiëren of verschillen in de klas. Oftewel, het vormgeven van het onderwijs naar de capaciteit van de leerling. We zijn er maar druk mee. Doe jij dit als leerkracht voldoende? Wij geven acht tips waarmee je het differentiëren in de klas vaker kunt toepassen.

“Differentiatie is geen set van instructiestrategieën, maar een andere manier van denken over lesgeven en leren” – Sousa & Tomlinson, 2011.

Als startende leerkracht kan het lesgeven in de eerste jaren als een chaotische jungle aanvoelen. De nieuwe school is nog onbekend gebied, toetsen schieten je om de oren en vergaderingen vreten je tijd weg. Je wilt als startende leerkracht geen steekje laten vallen en volgt de methodes trouw, maar helaas schiet het differentiëren er door drukte te vaak bij in. Niet alleen de startende leerkracht zal dit herkennen, ook de ervaren leerkracht geeft aan meer te willen differentiëren.

Dat differentiëren ‘hot’ is in de klas (en noodzakelijk door het Passend Onderwijs), zien we terug in de nieuwe boeken die we op de plank erbij krijgen over dit onderwerp. Zo ook het boek ‘Differentiëren is te leren!‘, de vijfde (vernieuwde) druk alweer, gepubliceerd door CPS.

Differentiëren, hoe?

Differentiëren in de klas vraagt om een open blik. Beren op de weg zien zal je niet verder brengen. Denk juist in mogelijkheden; hoe vaker je differentieert in de klas, hoe creatiever je zult worden om álle leerlingen bij de les te betrekken. Met de volgende tips geven we je een boost inspiratie mee om vaker te differentiëren bij jou de klas.

8 tips voor het differentiëren in de klas.

Tip 1. Differentieer in instructie en hulp

Een manier die in de meeste klassen al wordt toegepast, differentiëren op drie niveau’s: leerlingen die de basisstof nog niet beheersen, leerlingen die de basisstof beheersen en leerlingen die boven de basisstof staan. Deze laatste groep kan al vrij snel zelfstandig aan het werk. De leerlingen die nog niet het gewenste niveau beheersen, kun je na de instructie extra begeleiding en uitleg geven (de zogeheten verlengde instructie).

Tip 2. Laat de leerling op zijn eigen manier leren

Iedere leerling leert anders. Jij als doceert ook op je eigen manier, meestal vanuit jouw eigen leervoorkeur. Uit onderzoek is gebleken dat de leervoorkeur van leerlingen verschilt. Grote kans dat jouw manier van lesgeven niet bij iedere leerling aansluit. Bied daarom de keuze aan in werkvormen. Leerlingen weten zelf vaak al goed te vertellen hoe zij zich het beste kunnen concentreren en in welke volgorde zij de opdracht willen maken.

Tip 3. Maak een selectie van de opdrachten

Waarschijnlijk is het jou ook wel eens overkomen als leerling; door een bladzijde vol opdrachten moeten ploeteren die je voor je gevoel al veel vaker hebt beantwoord. Haal de kern uit de opdrachten en maak een selectie van de opdrachten voor de leerlingen die bij de toets al hebben bewezen de lesstof al voldoende te beheersen.

Tip 4. Differentieer via het huiswerk

Dit wordt ook wel ‘pre teaching’ genoemd. Wanneer je de volgende les nieuwe of moeilijke lesstof gaat behandelen, is het aan te raden om bij het opgeven van het huiswerk hier rekening mee te houden. Geef leerlingen gerichte opdrachten mee naar huis, waarmee zij zich thuis alvast kunnen voorbereiden op de stof. Start je les met het bespreken van het huiswerk. Met deze manier van differentiëren zorg je ervoor dat je leerlingen de les op een gelijker niveau starten.

Tip 5. Breng moeilijkheidsniveaus aan in de opdrachten

De Taxonomie van Bloom biedt handvatten om leerdoelen te formuleren op verschillende niveaus van leren. Bloom onderscheidt zes niveaus die oplopen in complexiteit: onthouden, begrijpen, toepassen, analyseren, evalueren en creëren. Bij een rijke leeractiviteit worden in ieder geval meerdere niveaus aangesproken. Koppel deze niveaus aan je lesdoelen: groep één beheerst aan het einde van de les niveau 1 en 2, groep twee beheerst niveau 1 t/m 3 en groep drie beheerst niveau 1 t/m 4.

Tip 6. Experimenteer!

Voor de basisschool-leerkracht is differentiëren niets nieuws, maar voor leerkrachten van het voortgezet onderwijs is dit vaak genoeg nog niet zo vanzelfsprekend. Deze (voor sommigen nieuwe) manier van lesgeven vraagt om herhaling. Hoe vaker je differentiatie toepast in de klas, hoe sneller je het differentiëren onder de knie krijgt en gemakkelijker het je het af zal gaan.

Tip 7. Reflecteer met je leerlingen

Om erachter te komen op welke manier het differentiëren het beste bij jouw leerlingen aansluit, kun je samen met hen reflecteren. Bespreek met elkaar welke werkvorm voor hen werkt en welke niet. Deze waardevolle informatie zorgt ervoor dat je steeds sneller de leerbehoefte van je leerlingen leert herkennen en je passender leert differentiëren.

Tip 8. Leg de lat niet direct te hoog

Schiet je hartslag al omhoog na het lezen van deze tips? Begin dan klein om die beren op de weg te vermijden. Dit geeft je tijd om te ontdekken welke manier van differentiëren het beste bij jouw manier van lesgeven én je leerlingen past. Het hoeft niet vanaf de start helemaal perfect te zijn en volgens het boekje te gaan. Cut yourself some slack. 😉

Bron: Nimbles, een onafhankelijk platform voor aanvullend onderwijs.

 

 

 

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.

%d bloggers liken dit: